Woody van Amen geboren in 1936, studeert korte tijd aan de Rotterdamse kunstacademie. Eind jaren vijftig besluit hij zijn leven definitief aan de beeldende kunst te wijden. In 1961 vertrekt hij voor een periode van twee jaar naar New York. Daar komt hij in contact met de Amerikaanse avantgarde. Deze groep kunstenaars maakt in deze jaren de overgang door van Abstract Expressionisme naar de pop art. Hij maakt kennis met vernieuwers als Robert Rauschenberg, Larry Rivers en Andy Warhol. Van Amen raakt geboeid door de dynamiek van deze stroming met zijn aansprekende symbolen uit de consumptiemaatschappij en de populaire beeldcultuur.

Hij gebruikt in een aantal van zijn schilderijen merknamen zoals Wrigley-kauwgom en Felix-kattenbrokjes. Dit zijn merknamen van tot de verbeelding sprekende artikelen uit de consumptiecultuur, die ook in Nederland om zich heen grijpt. Na zijn terugkeer in Rotterdam ontwikkelt Woody van Amen zijn eigen beeldtaal. Alledaagse voorstellingen krijgen een bijzondere betekenis hierin. De middelen waarmee hij zijn kunstwerken opbouwt, liggen dus voor het oprapen. De kunst ligt op straat en de kunstenaar ziet ze als belangrijke dragers van informatie. Hij ziet hoe ze een stukje van de alledaagse omgeving zijn geworden.

Na het maken van alleen maar schilderijen stapt hij over op een andere techniek. Hij begint met experimenteren en gaat assemblages maken. Met elk denkbaar voorwerp stelt hij beelden samen. Deze voorwerpen zijn uit het dagelijks leven gehaald en dus voor iedereen toegankelijk: de kunstwerken spreken een bekende taal. Hij voegt de voorwerpen 'koud' samen. De voorwerpen hebben geen onderling verband, behalve dat ze uit het dagelijks leven komen. Het kunstwerk is niet meer overdacht, zoals dat in de periode vóór de pop art wel nog het geval was. De techniek, het materiaal en de inhoud moesten op elkaar afgestemd zijn. De pop art-kunstenaar doorbreekt deze regel.

 
     
 
 
Biografie: Woody van Amen, 1936

 

 

 
   
  Copyright Museum Het Valkhof Nijmegen, sitedesign by Interstudio Nijmegen.