De Britse pop art ontstaat vanuit een nieuwe opvatting van het moderne leven. In de jaren '50 wordt de cultuur steeds meer bepaald door de massamedia, nieuwe technologie en maatschappelijke veranderingen. Deze gebeurtenissen leiden tot de veramerikanisering van Europa. Door deze omstandigheden wordt in 1952, in Groot-Brittannië de Independent Group opgericht. De groep bestaat uit vormgevers, architecten, fotografen en kunstcritici.


Twee leden van de groep worden als de vaders van de pop art in londen beschouwd: Richard Hamilton en Eduardo Paolozzi. Paolozzi is in 1947 al begonnen met het maken van collages van stripverhalen, tijdschriftartikelen en reclame-beelden. De Independent Group erkent dat het dagelijks leven met zijn populaire cliché's een bron is voor een nieuwe beeldtaal.



Richard Hamilton ontwerpt in 1956 een affiche voor een tentoonstelling die georganiseerd is door de Independent Group. de tentoonstelling heet 'This is Tomorrow'. Het affiche is de collage 'Just what is it that makes today's homes so different, so appealing?' De collage verwijst naar multimediale kunst, communicatie, huishoudelijke realiteit, vormgeving en technologie. Deze collage wordt als het icoon van de pop art gezien. Hij kondigt hiermee een nieuw tijdperk aan in de kunst: pop art. Richard Hamilton en Eduardo Paolozzi staan aan het begin van de Britse pop art. Deze eerste fase van de pop art in Engeland richt zich op de maatschappelijke veranderingen en de invloed die deze hebben op de persoonlijkheid van de mensen. Een tweede generatie kunstenaars die tot de pop Art behoren bevat de volgende namen:

  1. Peter Blake gebruikt veel figuratieve schilderkunst in zijn werken. Hij weerspiegelt de positie van het individu in de maatschappij. In zijn collages, assemblages en schilderijen combineert hij in massa geproduceerde beelden met abstracte tekens en decoratieve kleurvelden.
  2. R. B. Kitaj; zijn schilderijen en tekeningen bevatten collage-elementen, grafische elementen en een combinatie van figuratieve en abstracte schilderkunst. De werken zijn gericht op menselijke bezigheden binnen en buiten. Hij ontleend zijn stereotype figuren aan de de massamedia en de kunstgeschiedenis.
  3. David Hockney toont zeer persoonlijke schilderijen van zijn privé-leven. Hockney openbaart o.a. verlangen, Hollywood als plaats waar idyllische dromen werkelijkheid worden, hoop, relaties, homosexualiteit en schoonheid.
  4. Allen Jones ziet sexualiteit als het overheersende thema van het nieuwe tijdperk. Zijn schilderijen en sculpturen tonen een vrouwelijk schoonheidsideaal.
  5. Joe Tilson professionele technieken uit de reclamewereld en fotografische vormgeving. Hij combineert letters en cijfers met schilderachtige beelden. Hij gebruikt kreten als 'Vox', 'key', en 'Oh!'. De banale elementen in Tilson's werk worden raadsels door gebruik van typografie.
 
     
 
 
Pop art Engeland

 

 

 
 
  Copyright Museum Het Valkhof Nijmegen, sitedesign by Interstudio Nijmegen.