In de jaren '50 oefent de consumptiemaatschappij in Amerika al grote invloed uit op de beeldende kunst. Nederland is in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog bezig met de wederopbouw en probeert zich op economisch gebied te herstellen. Dit gaat moeizaam, omdat er gebrek is aan goederen. De sfeer in Nederland is het tegenovergestelde van de sfeer in Amerika: sober en spaarzaam. De welvaart wordt pas in de jaren '60 in Nederland zichtbaar. De economische omstandigheden zorgen voor meer vrije tijd en meer geld. Op grote schaal worden luxe artikelen als auto's, ijskasten, wasmachines, en televisies aangeschaft. Er ontstaat ook in Nederland een consumptiemaatschappij.

Door de komst van de massamedia en een intensiever gebruik van moderne communicatiemiddelen kan de informatie over nieuwe ontwikkelingen zich snel verspreiden. De traditionele waarden en normen verdwijnen langzaam. De generatie die in de jaren '60 opgroeit zet zich af tegen de oudere generatie. De jongeren willen meer vrijheid, hebben idealistische standpunten. Er wordt veel geëxperimenteerd met drugs, de Pil zorgt voor een sexuele revolutie, Jazz en Beatmuziek wordt gedraaid: kortom de jongeren beschikken over een eigen cultuur.


De veranderingen zijn niet alleen in het maatschappelijke leven te zien, maar ook in de beeldende kunst. Pop art-kunstenaars gebruiken symbolen van de consumptiemaatschappij in hun werk. De afstand tussen kunst en samenleving wordt hierdoor kleiner. De kunstwerken bevatten een alledaagse realiteit. De pop art als kunststroming wordt in Nederland begin jaren '60 geïntroduceerd in het Amsterdams Stedelijk Museum door Willem Sandberg, de toenmalige directeur van het museum. Hij haalt enkele jonge Amerikaanse kunstenaars naar Nederland om hier te exposeren. Dit zorgt samen met de groeiende consumptiemaatschappij voor een doorbraak van een nieuwe tijdsgeest.

Een groep jonge Nederlandse kunstenaars heeft in de jaren '60 onder invloed van de pop art gewerkt: Woody van Amen, Gustave Asselbergs, Sam Middleton, Rik van Bentum, Daan van Golden, Lucassen, Wim Schippers en Jacob Zekveld.
Een belangrijk verschil met Amerikaanse pop art is dat de uitwerking van de consumptiecultuur in de kunst minder fel tot uitdrukking komt, in Nederland.

De Amerikaanse kunstwerken zijn glossy, en kleurrijker en meer kitsch dan in Nederland. In Amerika is de pop art volledig tot uiting gekomen. pop art in Nederland heeft minder voeten in aarde gehad. Een ander verschil is dat in Nederland vaker politieke kwesties in de werken werden opgenomen.

 
     
 
 
Pop art Nederland

 

 

 
 
  Copyright Museum Het Valkhof Nijmegen, sitedesign by Interstudio Nijmegen.