Dan is er de opening! De opening van een tentoonstelling kun je zien als een soort feestje voor iedereen die bij de tentoonstelling betrokken is, dus van de kunstenaar (als die nog leeft) en zijn vrienden, kennissen, collega's. Maar ook van alle mensen die in het museum werken en mensen die een kunstwerk van de kunstenaar aan het museum hebben uitgeleend (de bruikleengevers). Allemaal willen ze de tentoonstelling als eerste zien. Met een beetje geluk komt er ook iemand van de krant of de televisie, zodat iedereen kan lezen of zien hoe mooi de tentoonstelling is geworden. De opening is altijd in de aula, een zaal waar 100 mensen in kunnen. In het Museumcafé staan drankjes en hapjes klaar. De eerste rijen zijn gereserveerd voor speciale gasten, bijvoorbeeld de familie van de kunstenaar. Soms is er een muzikant of een bandje. De opening begint altijd met een praatje. Vaak vertelt de conservator over de achtergrond en organisatie van de tentoonstelling, en vervolgens is een kunstenaar aan het woord of iemand die veel verstand van het onderwerp heeft, bijvoorbeeld een professor aan de universiteit. Daarna mag iedereen naar de tentoonstelling. Een opening duurt meestal twee uur. Bij een opening gebeurt vaak wat onverwachts. Soms komen er veel meer gasten dan we dachten, of valt ineens het geluid van de microfoon uit, of staat een van de sprekers in de file en komt te laat (terwijl de zaal vol met wachtende mensen zit!). Bij de opening van Woody van Amen & Collectie Becht nam Woody een bevriende jazzdichter uit New York mee, die ongepland tijdens de opening iets uit het boek wilde voorlezen. Daarna was er een jazzmuzikant die op zijn saxofoon speelde. Er waren ontzettend veel mensen (meer dan driehonderd!). Zelfs Wim T. Schippers, waarvan ook een kunstwerk in de tentoonstelling hing, was erbij (je weet wel, die de stem van Ernie doet in Sesamstraat).
![[Image]](../images/opening1.jpg)