noord-zijde.jpg

random image default10

Chinees avontuurGustave Asselbergs (Amsterdam 1938 – 1967 Nijmegen), 1966, acryl en gemengde schildertechniek, collage op doek, 180 x 330 cm (driedelig)

Gustave Asselbergs is naast Woody van Amen een prominente vertegenwoordiger van de Pop Art in Nederland. Museum Het Valkhof heeft meerdere collageschilderijen van hem in de collectie. Chinees avontuur is een belangrijke werk uit de laatste periode van Gustave, waarin zich een nieuwe richting aankondigt.

De kunstenaar is jong gestorven aan de gevolgen van een hersentumor. In de laatste fase van zijn turbulente leven wordt zijn schilderkunst meer figuratief en sluit in deze zin aan bij de eerste contouren van een verhalende stroming in de schilderkunst die ‘Nieuwe Figuratie’ wordt genoemd.

Chinees avontuur toont de toenemende wapenwedloop vanaf het begin van de jaren zestig tussen communistisch China, de Verenigde Staten en de Sovjet Unie. Het doek is helder geschilderd en verbeeldt de dynamiek van de volksrepubliek China. Links op het schilderij is een groep Aziatisch uitziende matrozen afgebeeld. In het midden van de voorstelling zijn drie Chinese karaktertekens geplaatst, die waarschijnlijk ‘tienduizend’ en ‘dreiging’ of ‘calamiteit’ uitdrukken. De diverse scènes zijn nogal enerverend.

Rechtsonder staat een bevoorradingsvliegtuig met opgeslagen kisten. Erboven dobberen rubberbootjes met een ruimtecapsule erin, die waarschijnlijk van een raket afkomstig is. Verder zien we de contouren van een paddenstoel, een kernbom misschien? En tenslotte bevinden zich nog figuren in ijzige omstandigheden.
Het is bekend dat Gustave de internationale actualiteit op de voet volgde in tijdschriften als Life Magazine en Paris Match. Er is niet veel over bekend, maar er waren destijds berichten dat China in 1965-'66 in noordelijke streken experimenteerde met het afschieten van ruimteraketten en met het testen van kernwapens. Daarbij ging regelmatig van alles mis. In mei 1966 kondigde Mao Tse-Tung de Culturele revolutie af, waardoor alle wetenschappelijke experimenten moesten worden gestaakt. Het Westen volgde deze tumultueuze ontwikkelingen in het expanderende China op de voet, bezorgd en tegelijk gefascineerd.

Chinees avontuur detail
Detail

WOODYVANAMEN GOLDFINGERWoody van Amen (Eindhoven 1936), 1965, assemblage, 98 x 134 cm

De in rode letters gestempelde titel Goldfinger, in combinatie met de in zwart aangebrachte code 007, verwijst naar de gelijknamige James Bond-film uit 1964. Sean Connery is de onvolprezen Mister Bond, dubbelspion en cultfiguur. In het begin van film vindt Jill Masterson, de vriendin van meesterbrein en goudsmokkelaar Goldfinger, een smartelijke dood, omdat haar lichaam geheel met goudverf is beschilderd. De contouren van de torso tonen een echo in vijf kleurbanen, waaruit een houten hand te voorschijn komt. Rechts zit een roofvogel op een uitstekende tweede hand met inderdaad een goudkleurige vinger (Goldfinger). Rechtsonder is als een afzonderlijk arrangement een omlijst kistje aangebracht met verschillende glazen instrumenten, vermoedelijk een ‘trukendoos’ waarmee James Bond zijn tegenstanders vaak op slimme wijze aftroefde. Rondom is een doorlopende zwart-wit geblokte rand geschilderd, een verwijzing naar het motief op de taxi’s destijds in New York. De rondlopende lichtlijn van kleurrijke fietslichtjes verleent het kunstwerk een levendig effect.

De assemblage Goldfinger, een sleutelwerk in het oeuvre van Woody van Amen, ademt geheel en al de sfeer van de pop art-stroming die begin jaren zestig ook in Nederland alle aandacht trok. De kunstenaar was al vroeg gefascineerd door de spraakmakende ontwikkelingen in de nieuwe wereld, en met name in New York als kunst- en jazzmetropool. In 1961 vertrok hij voor een periode van twee jaar naar New York, waar hij in contact kwam met de Amerikaan¬se avant-garde, die in deze jaren de overgang doormaakte van het abstract expressionisme naar de pop art. Van Amen werd geboeid door de dynamiek van deze stroming met zijn aansprekende iconen uit de consumptiemaatschappij en populaire beeldcultuur. De veelheid aan onbevangen ideeën en het onconventionele gebruik van allerlei soorten materialen ervoer hij als een grote vrijheid in zijn werk.

WOODYVANAMEN GOLDFINGER  DETAIL


 

HOOGERS FAMILIE HOOGERSHendrik Hoogers (Nijmegen 1747 – 1814 Nijmegen) 1783, olieverf op paneel, 45 x 62,5 cm

In een typische 18de-eeuwse kamer – met behangselschilderijen en een in grisaille geschilderd trompe l’oeil boven de deur – is een familiegroep afgebeeld. Hendrik Hoogers portretteert hier zijn eigen gezin.

Centraal staat de schilder, met een portret van hemzelf en zijn tweede echtgenote Cornelia van Ommeren in de hand. Cornelia staat naast hem, met een schilderij waarop vijf portretkoppen (van de schilder zelf?) zijn afgebeeld. De drie kinderen zijn uit het eerste huwelijk van Hendrik, met Hermijna Tack. Willem Carel (1773) staat rechts als kleine soldaat, zijn zusje Jacoba Wilhelmina (1776) zit met haar pop op schoot helemaal links en in het midden speelt Abraham (1778) met de verzorgster van de kinderen. De jongste jongen heeft nog een jurkje aan, wat gebruikelijk was voor kinderen die nog niet zindelijk waren. De wat oudere man achter Cornelia is waarschijnlijk Jan van Broestershuijsen, de stiefvader van Hendrik Hoogers.

Hendrik Hoogers speelde ook een rol in het politieke leven van Nijmegen in een wervelende tijd. Vanaf de Bataafse Revolutie van 1794 was hij actief in de raad van de stad en in 1797/1798 en 1806 burgemeester. In 1796 heeft hij zich fel verzet tegen de afbraak van de burcht en uiteindelijk maakte hij zich sterk voor een Valkhofpark door tuinarchitect Zocher. Hoogers had geen opleiding in de kunsten. Hij was net als zijn vader en stiefvader leerfabrikant en -handelaar. Hij was wel een begenadigd amateurkunstenaar. In de collectie van Museum Het Valkhof worden tientallen goede tekeningen en prenten van zijn hand bewaard. Bovendien bracht hij een grote kunstverzameling bijeen.

 

Vogelvluchtgezicht van NijmegenHendrik Feltman (Kalkar ca. 1610 – ca. 1670 Kleef) 1668-1669, olieverf op doek, 251 x 281 cm

Zoals een vogel het zag, zo ligt het 17de-eeuwse Nijmegen aan onze voeten. Hendrik Feltman schilderde dit grote doek in 1668-1669 in opdracht van het stadsbestuur. Twintig jaar eerder had hij al een getekende versie gemaakt, die door de Amsterdamse uitgever Johannes Blaeu is gebruikt voor zijn Stedenboek (1649).

Voor wie Nijmegen kent, is de plattegrond nog altijd goed te lezen. De Sint-Stevenskerk met de Markt en de Waag staan aan de belangrijkste oost-west as, gevormd door de Burchtstraat en de Stikke en Lange Hezelstraat. De noord-zuid as wordt gevormd door de Grote Straat en de Broerstraat, die overgaat in de Molenstraat. Aan de zuidzijde zit de stad nog ruim in haar jas, aan de kant van de Waal herkennen we het Valkhof (met – vergelijk het schilderij van Jan van Goyen – de Stratemakerstoren, Veerpoort en ongeveer in het midden van de Waalkade de Kraan, het imposante toestel voor het laden en lossen van schepen). Helemaal rechts de inmiddels verdwenen haven naast de Sint-Hubertus of Rode toren.

Links van het Valkhof staat de Belvedere. Daarboven ligt een groot stadspaleis dat tussen 1663 en 1669 is gebouwd. Op deze plek aan het Kelfkensbos (in de vorm van het plein nog heel herkenbaar) staat sinds 1999 Museum Het Valkhof. In de Waal ligt de gierpont, met de lange aanlegsteiger aan de Lentse kant van de rivier. Daarnaast is Fort Knodsenburg duidelijk zichtbaar.

Dit is het Nijmegen waarin in 1675 de onderhandelingen voor de Vrede van Nijmegen begonnen. In 1672 was Frankrijk de Republiek binnengevallen. Het werd een oorlog waarbij vele Europese steden en staten betrokken raakten. De onderhandelingen voor de vrede duurden lang en waren ingewikkeld, ook door het prestige waaraan de onderhandelaars hechtten. Uiteindelijk werden in 1678 en 1679 verschillende verdragen ondertekend die samen bekend staan als de Vrede van Nijmegen. Daarmee was voor een aantal jaren de rust hersteld.

circa 1494, borduurwerk op damast, 98 x 220 cm

Nijmegen was in de 15de eeuw een bloeiende stad en de belangrijkste plaats in het hertogdom Gelre. De hertog verbleef met zijn hof regelmatig in het Valkhof. De grote burcht was in de 12de eeuw gebouwd door Frederik Barbarossa en door de Gelderse hertogen uitgebreid. De koop- en ambachtslieden verenigden zich, zoals in veel andere steden, in gilden. Binnen deze structuur zorgden de gildeleden voor elkaar, maar ook opleiding en controle op de geleverde waar werd binnen de gilden geregeld.

ANTEPENDIUM NIJMEEGS SCHIPPERSGILDE

Het schippersgilde behoorde tot de rijkste van de stad. Nijmegen was vanaf 1402 lid van het Hanzeverbond waarin handelaars op de Noord- en Oostzee samenwerkten. De Nijmeegse schippers waren echter vooral actief in de rivierhandel. Het gilde liet aan de Waalkade, vlakbij het Valkhof, een stenen kapel bouwen. Voor het altaar werd een rijk geborduurd antependium besteld. Het hing aan de voorkant van de altaartafel tot aan de grond.

Op het grote doek ligt een koopvaardijschip voor anker. De zeilen zijn gereefd, aan de met gouddraad op het damast geborduurde touwen hangen katrollen en ballastzakken. Op de boeg staat een vlag met het wapen van Gelre, op de achtersteven een vlag met de Nijmeegse stadsadelaar. In de top van de mast wappert een dubbele wimpel in de stadskleuren zwart en rood. Links van het schip staat Maria op een veld van bloemen. Rechts staat Sint Olof, de patroonheilige van de Hanzeschippers. Hij introduceerde als Vikingkoning het christelijk geloof in Noorwegen; onder zijn voet ligt dan ook een personificatie van het heidendom.

Het antependium van de Nijmeegse schippers is het grootste borduurwerk uit de middeleeuwen dat in Nederland bewaard gebleven is. 

Recent verscheen over dit borduurwerk een publicatie in de serie Museumstukken, uitgegeven door de Vrienden van Museum Het Valkhof. Aanvullend op deze publicatie, door Marja Begheyn-Huisman, vindt u hier een link naar een zogenaamd zoomify-bestand. Dit bestand maakt het u mogelijk het antependium tot op de draad te bekijken door middel van een foto op zeer hoge resolutie. Wim Braakhekke heeft in voorbereiding op de recente publicatie de planten en bloemen op het antependium aan een gedegen onderzoek onderworpen.