Tickets
Oude Kunst Museum Het Valkhof

Topstukken

  1. Topstukken

Topstukken archeologie

  • collectie archeologie kantharos van stevensweert
    De kantharos van Stevensweert
  • collectie archeologie gordelbeslag frankische krijger.
    Gordelbeslag van een Frankische krijger

De kantharos van Stevensweert

Uit de Maas bij Stevensweert, eind 1ste eeuw voor - midden 1ste eeuw na Chr. Zilver, deels verguld, h. 10,5 cm.

Drinkbeker of kantharos van, deels verguld, zilver. Het is een topstuk van Grieks-Romeinse edelsmeedkunst en vermoedelijk gemaakt in het oostelijke deel van het Middellandse Zeegebied.

De twee oren en delen van de versiering zijn verloren gegaan. Op de beker zijn wijn- en klimopranken afgebeeld en koppen van mythologische figuren. De versiering staat in het teken van de wijngod Bacchus. Aan één kant is Bacchus zelf afgebeeld met een hoofddoek, tussen Pan en Hercules, waarvan de kop is afgebroken. Aan de andere kant staan twee vrouwelijke volgelingen (bacchanten). De ontbrekende kop in het midden is vermoedelijk die van een satyr. Tussen de koppen zijn muziekinstrumenten te zien als verbeelding van de feestroes waaraan iedereen zich overgeeft.

Gordelbeslag van een Frankische krijger

Nijmegen-Lent, midden 7de eeuw. Ijzer, zilver en messing, l. van de gespplaat met gesp 15 cm.

Het leer van de circa 6 cm brede gordel is vergaan, maar de prachtig versierde beslagplaten zijn bewaard gebleven. Ze lagen op heuphoogte in het graf van een Frankische krijger, dat in 1972 is opgegraven in Lent, aan de noordoever van de Waal tegenover Nijmegen.

De ijzeren beslagstukken zijn alle drie uitbundig versierd met inlegwerk van zilver en messing. De decoratie bestaat in hoofdzaak uit een patroon van kronkelende, in elkaar grijpende zilveren banden, dat ondanks de strakke symmetrie toch een organische indruk maakt. Aan de uiteinden eindigen de banden in gestileerde dierenkoppen. De vlakken tussen de banden zijn opgevuld met allerlei motieven die in messing zijn uitgevoerd, zoals rozetten, zonnewielen en kruisen.

  • collectie archeologie pot met gouden sieraden
    Een pot met gouden sieraad
  • Collectie archeologie Bronzen Portretkop
    Bronzen portretkop van keizer Trajanus

Een pot met gouden sieraad

Renkum-Oostereng, 2500-2000 v. Chr. Aardewerk, goud, h. pot 12,2 cm.

De inkervingen versierde pot van aardewerk is een fraai voorbeeld van een zogenaamde Veluwse klokbeker. Complete klokbekers zijn alleen aangetroffen in grafheuvels, de pot van het landgoed Oostereng moet daarom wel uit een grafheuvel afkomstig zijn. In die tijd werden waarschijnlijk alleen belangrijke personen onder speciaal opgeworpen heuvels begraven. In het graf kregen ze een pot mee met voedsel en drank.

De gouden voorwerpen moeten ook met de pot in het graf zijn gelegd. Het is een bijzondere gouden hoofdtooi of diadeem die in twee stukken is gebroken. De uiteinden waren mogelijk aan elkaar verbonden door een stuk barnsteen, dat niet bewaard is gebleven. Gouden sieraden zijn uiterst zeldzaam in de prehistorie.

Bronzen portretkop van keizer Trajanus

De Rijn bij Xanten (D), rond 100 na Chr. Brons, h. 42,4 cm.

Bronzen beeld van goden of keizers waren in de Romeinse tijd geen zeldzaamheid. De meeste zijn later in stukken gehakt en omgesmolten. Soms vinden we nog kleine fragmenten, maar zelden een hele kop. 

De Romeinse portretkop werd in 1955 aangekocht als een baggervondst uit de Waal ten oosten van Nijmegen. Inmiddels weten we dat hij vrijwel zeker afkomstig is uit de grindwinningen die destijds plaatsvonden in een oude Rijnbedding ten oosten van Xanten. Vanaf het einde van de 1ste eeuw lag daar een Romeinse legioensvesting, die later door de rivier is verspoeld.

  • collectie archeologie flesje met slangendraadversiering
    Flesje met slangdraadversiering
  • collectie archeologie runeninscriptie
    Runeninscriptie met het oudste Nederlands

Flesje met slangdraadversiering

Nijmegen-St. Jorisstraat, late 2de - eerste helft 3de eeuw. Glas, h. 20,7 cm.

Het met glasdraden versierde flesje heeft een platte buik en een lange hals met een trechtervormige mond. Het glas is transparant en vrijwel kleurloos. Aan beide kanten van de buik is met witte, blauwe en vergulde glasdraden hetzelfde versieringsmotief van bladeren en slingers aangebracht. De smalle zijden van de buik zijn versierd met een gekartelde blauwe glasdraad, die onder- en bovenaan de buik als een dunne draad om het lichaam is gelegd.

Het aanbrengen van deze dunne glasdraden is buitengewoon moeilijk, vooral als het om ingewikkelde motieven gaat. De glasmaker moest heel snel werken, omdat het draad alleen kon worden aangebracht wanneer het glas nog heet en wendbaar was. Glazen met deze ingewikkelde versiering worden wel “slangdraadglazen” genoemd, omdat de glasdraden als een slang kronkelen over het glas.

Runeninscriptie met het oudste Nederlands

Tiel-Bergakker, eerste helft 5de eeuw. Zilver, deels verguld, l. 8,3 cm; h. 1,4 cm.

Op de achterkant van het beslag is een tekst van 24 runentekens gekrast, met de mogelijke betekenis: 'Bezit van Halthewas, hij schenkt de zwaardvechter zwaarden'. Het runenschrift was vanaf de tweede eeuw in gebruik bij Germaanse stammen.

  • collectie archeologie verzilverd gezichtsmasker
    Romeinse ruiterhelm uit Nijmegen

Romeinse ruiterhelm uit Nijmegen

Uit de Waal bij Nijmegen, tweede helft 1ste eeuw. Ijzer en verzilverd messing, deels verguld, h. helm 24,2 cm.

Van de ijzeren helmkap, gedreven in de vorm van een haardos met lokken, is maar weinig bewaard gebleven. Op het ijzeren gezichtsmasker is een bekleding aangebracht van verzilverd brons, die op enkele plaatsen ook is verguld. De voorhoofdsband is versierd met vijf busten, waarschijnlijk van figuren uit de kring rond de wijngod Bacchus.

De helm is in 1915 opgebaggerd uit de rivier de Waal. In de modder binnenin zaten twee wangkleppen van een andere helm, enkele blauwe kralen en bronzen ringetjes. Het geheel is kennelijk in een zak in het water gegooid, misschien als offer van een oud-soldaat aan de goden.

collectie G.M. Kam

Topstukken oude kunst

  • collectie oude kunst antependium nijmeegse schippers
    Antependium van de Nijmeegse schippers
  • collectie oude kunst henrik douverman maria
    Henrik Douveman – Marie treurend onder het kruis

Antependium van de Nijmeegse schippers

Circa 1494. Borduurwerk op damast, 98 x 220 cm.

Aan het einde van de vijftiende eeuw liet het rijke Nijmeegse schippersgilde een 'antependium' maken, een versiering voor de voorkant van hun altaar.

Afgebeeld is een hulk, een zeegaand koopvaardijschip. In de masten bevinden zich wimpels met de wapens van Gelre en Nijmegen. Links en rechts daarvan staan Maria en Sint Olaf, de patroonheiligen van de Nijmeegse schippers. Sint Olaf was een heilige Noorse koning. Hij werd vereerd in vele West-Europese steden die via de Hanze, net als Nijmegen, handelsbetrekkingen met Scandinavië hadden. Geheel boven staat een opschrift: 'Jezus – In Ere Gads Ende Die Gode Sunt Olof – Maria'.

Zie evt ook: Nijmeegs Schippers Antependium | Antependium.nl

 

Henrik Douveman – Maria treurend onder het kruis

Ca. 1490 - 1540 Kalkar. Maria treurend onder het kruis, ca. 1520. Eikenhout, grotendeels oorspronkelijke polychromie, h. 77 cm, langdurig bruikleen uit particulier bezit.

Dit kostbaar beschilderde beeld maakte oorspronkelijk deel uit van een calvariegroep. In deze groep van drie figuren – Maria, de Moeder van God, en Johannes, de jongste apostel en evangelist, staande onder de gekruisigde Christus – vormt het Mariabeeld compositorisch een tegenhanger van het Johannesbeeld. Beiden figuren wenden zich in smart van het Kruis af. 

Het beeld bezit nog grotendeels zijn kostbare oorspronkelijke beschildering, polychromie genaamd. Opvallend aan het beeld is het vele goud, dat de polychromeur gebruikt heeft. De randen van de donkerblauwe mantel en het gewaad zijn verguld en met sjablonen ingeslagen gepuncteerde motieven versierd, o.a. acanthusbladeren. Bijzonder is het opschrift op de horizontale rand van Maria’s kindoek, waar de gepuncteerde letters AVE MARIA OPN (Ave Maria, bid voor ons) te lezen zijn.

  • collectie oude kunst nijmeegs uiltje
    Het Nijmeegs uiltje
  • jan van goyen gezicht op valkhofburcht
    Jan van Goyen – Gezicht op de Valkhofburcht

Het Nijmeegs uiltje

1580 - 90. Meester met het klaverblad, werkzaam tussen 1575 - 1600. Kokosnoot en zilver, deels verguld, h. 21 cm, aangekocht met steun van de Vereniging Rembrandt.

Deze uilenbeker van kokosnoot in een zilveren montuur is erg zeldzaam. Het dubbele wapen bij de pootjes van de vogel wijst waarschijnlijk op een huwelijksgeschenk. Ook de passages uit een dertiende-eeuws gedicht die op de uil zijn aangebracht, verwijzen naar de liefde. Het gaat over een ongelukkige uil die verliefd is op een prachtig zingende nachtengaal. Het Nijmeegse uiltje heeft twee ‘broertjes’ uit Antwerpen, waarop versregels uit hetzelfde gedicht zijn aangebracht.

Jan van Goyen – Gezicht op de Valkhofburcht

Leiden 1596 - 1656 Den Haag. Gezicht op de Valkhofburcht, 1641. Olieverf op doek, 154 x 258 cm.

Tijdens zijn schilderwerken trok Jan van Goyen al tekenend in schetsboeken door de Republiek. In de jaren dertig va de zeventiende eeuw was Van Goyen in Nijmegen. Rond 1650 kwam hij er nog eens terug. Op basis van zijn schetsen schilderde hij tussen 1633 en 1654 ruim dertig variaties van de Valkhofburcht. Dit schilderij is het grootste van de serie. 

Van Goyen koos voor een standpunt in het noordwesten, aan de overzijde van de Waal bij Lent. Het doek is waarschijnlijk in opdracht van het stadsbestuur gemaakt. Bij het uitwerken van de compositie heeft Van Goyen de werkelijkheid naar zijn hand gezet om de compositie te versterken. De ruime verspreiding van het werk van Van Goyen heeft het beeld van het oude Nijmegen medebepaald. 

  • hendrik feltman vogelvluchtgezicht van nijmegen
    Hendrik Feltman – Nijmegen in vogelvlucht
  • jan weissenbruch oude haven bottelpoort nijmegen
    Jan Weissenbruch – De oude haven met de Bottelpoort in Nijmegen

Hendrik Feltman – Nijmegen in vogelvlucht

Hendrik Feltman (Kalkar ca. 1610 – ca. 1670 Kleef) 1668-1669. Olieverf op doek, 251 x 281 cm.

De Kleefse landmeter en tekenaar Hendrik Feltman schilderde het vogelvluchtplan in opdracht van het stadsbestuur. Feltman baseerde zich hierbij op de tekeningen die hij in 1647-1648 gemaakt had voor het Stedenboek van Blaeu. Het schilderij geeft een nauwkeurig beeld van Nijmegen in de tijd van de vredesonderhandelingen. De door muren en poorten omringde stad is weergegeven met het zuiden bovenaan en de Waal en fort Knotsenburg onderaan. Rechtsboven de drie dorpen van het Schependom: Hees, Neerbosch en Hatert. 

Jan Weissenbruch – De oude haven met de Bottelpoort in Nijmegen

Den Haag 1822 - 1880. De oude haven met de Bottelpoort in Nijmegen, ca. 1850. Olieverf op paneel, 19 x 25 cm.

Jan Weissenbruch is een van de bekendste stadsschilders uit de Haagse School. Omstreeks 1850 was de schilder in Nijmegen. Deze twee paneeltjes gaan waarschijnlijk terug op schetsen die hij toen maakte. Het scherpvallende zonlicht is kenmerkend voor veel van zijn werk. Weissenbruch schilderde een alledaags tafereel van de Nijmeegse Waalkade. Aan de witte toren is een grote kraan bevestigd, waarmee schepen werden geladen of gelost.

In het gezicht op de Oude Haven speels Weissenbruch met schaduw en licht. Vooral de afwisseling in donkere en lichte rechthoeken valt op, en de schaduw van de zware horizontale balk voor het huis. De figuren hebben geen gezicht, maar zijn overduidelijk menselijk.

  • collectie oude kunst jan toorop
    Jan Toorop – portret van Charles Raaijmakers
  • hendrik hoogers en zijn gezin
    Hendrik Hoogers en zijn gezin

Jan Toorop – portret van Charles Raaijmakers

Poerworedjo (Java) 1858 - 1928 Den Haag. Portret van Charles Raaijmakers, 1910. Zwart krijt en potlood, 374 x 320 mm, gesigneerd l.b.: J.Th. Toorop, | 1910; r.b.: aan mijn Vriend | Ch. RAAYMAKERS. S.J. | met toegenegenheid | & Eerbied. Collectie Valkhof Museum, bruikleen Nederlandse Jezuïeten.

 

Het portret dat Jan Toorop in mei/juni 1910 tekende van zijn biechtvader, de gepromoveerde jurist Charles Raaijmakers S.J. (1871-1954), leraar staathuishoudkunde aan het in 1900 opgerichte Canisiuscollege in Nijmegen, beschouwde hij zelf als het ‘meest diepe’ dat hij ooit had gemaakt. Pater Raaijmakers was de eerste van vijf jezuïeten, die Toorop tijdens zijn Nijmeegse jaren (1909-1916) zou portretteren.

Op de portrettekening van Jan Toorop kijkt een ontegenzeggelijk aantrekkelijke man met heldere ogen de toeschouwer recht aan. Om zijn dunne lippen speelt een vriendelijke glimlach, boven een wilskrachtige kin. Hij is gekleed in een zwarte toog met witte priesterboord.

Momenteel niet tentoongesteld.

Hendrik Hoogers en zijn gezin

Hendrik Hoogers (Nijmegen 1747 – 1814 Nijmegen) 1783, olieverf op paneel, 45 x 62,5 cm.

In een typische 18de-eeuwse kamer – met behangselschilderijen en een in grisaille geschilderd trompe l’oeil boven de deur – is een familiegroep afgebeeld. Hendrik Hoogers portretteert hier zijn eigen gezin.

Hendrik Hoogers speelde een rol in het politieke leven van Nijmegen in een wervelende tijd. Vanaf de Bataafse Revolutie van 1794 was hij actief in de raad van de stad en in 1797/1798 en 1806 burgemeester. In 1796 heeft hij zich fel verzet tegen de afbraak van de burcht en uiteindelijk maakte hij zich sterk voor een Valkhofpark door tuinarchitect Zocher. Hoogers had geen opleiding in de kunsten, maar hij was wel een begenadigd amateurkunstenaar. In de collectie van Valkhof Museum worden tientallen goede tekeningen en prenten van zijn hand bewaard. Bovendien bracht hij een grote kunstverzameling bijeen.

Momenteel niet tentoongesteld.

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar u blijft anoniem.

Terug naar vorige Pas de cookie instellingen aan naar jouw voorkeur.